NJB 2024/1659
Promis-bewijsmotivering: herhaling en toepassing HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0424. In casu voldoet de bewijsvoering niet aan de hieraan gestelde motiveringseisen. Het hof heeft feiten en omstandigheden vermeld die het kennelijk redengevend heeft geacht voor de bewezenverklaring, zonder nauwkeurige verwijzing naar het bewijsmiddel waaraan de gerelateerde feiten en omstandigheden zijn ontleend.
HR 09-07-2024, ECLI:NL:HR:2024:975
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 juli 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, F. Posthumus
- Zaaknummer
22/01740
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:975, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑07‑2024
- Wetingang
(art. 359 Sv)
Essentie
Promis-bewijsmotivering: herhaling en toepassing HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0424. In casu voldoet de bewijsvoering niet aan de hieraan gestelde motiveringseisen. Het hof heeft feiten en omstandigheden vermeld die het kennelijk redengevend heeft geacht voor de bewezenverklaring, zonder nauwkeurige verwijzing naar het bewijsmiddel waaraan de gerelateerde feiten en omstandigheden zijn ontleend.
Uitspraak
Inleiding
Verdachte is veroordeeld wegens – kort gezegd – (feit 1) ‘verduistering gepleegd door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft, meermalen gepleegd’ en (feit 2) ‘verduistering gepleegd door hem die het goed uit hoofde van zijn ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.