NJB 2023/2896
Terbeschikkingstelling met een reeks van voorwaarden betreffende het gedrag van de verdachte, art. 38, 38a en 38d Sr en art.6:6:10a Sv. - Een klacht over afzonderlijke voorwaarden moet worden beoordeeld tegen de achtergrond van het geheel van de gestelde voorwaarden, die onmiskenbaar strekken tot een doeltreffende behandeling van de verdachte en dus ook tot het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. - Voorwaarde van opneming van de veroordeelde in een instelling, art. 38a Sr: de beslissing of zich de noodzaak voordoet van opneming van de veroordeelde in een instelling en, zo ja, in welke instelling, is voorbehouden aan de rechter. De beslissing daarover in handen leggen van de reclassering en/of de voor indicatie verantwoordelijke instantie, is onverenigbaar met deze bepaling. Zonder rechterlijke toetsing is zo’n opname slechts mogelijk als de verdachte daarmee instemt op het moment dat die opname aan de orde is. Ontbreekt die instemming op dat moment, dan biedt art.6:6:10a Sv de mogelijkheid dat de rechtercommissaris een tijdelijke opname beveelt als aan de in die bepaling gestelde eisen is voldaan. - Een maatregel van terbeschikkingstelling geldt op grond van art. 38d lid 1 Sr voor de termijn van twee jaar. Verlenging is mogelijk. Bij gelegenheid van die verlenging kan een gestelde voorwaarde door de verlengingsrechter worden aangevuld, gewijzigd of opgeheven. Als de rechter een voorwaarde stelt die strekt tot opname in een instellingen hij daarbij niet een concrete duur van die opname bepaalt, is die duur in elk geval beperkt tot de termijn van terbeschikkingstelling. Daarbij wordt de duur van die termijn bij een mogelijke verlenging van de maatregel opnieuw door de rechter getoetst.
HR 28-11-2023, ECLI:NL:HR:2023:1663
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 november 2023
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
21/00662
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1663, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑11‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:855, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑10‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑03‑2023
- Wetingang
(art. 38, 38a, 38d Sr; art. 6:6:10a Sv)
Essentie
Terbeschikkingstelling met een reeks van voorwaarden betreffende het gedrag van de verdachte, art. 38, 38a en 38d Sr en art.6:6:10a Sv. - Een klacht over afzonderlijke voorwaarden moet worden beoordeeld tegen de achtergrond van het geheel van de gestelde voorwaarden, die onmiskenbaar strekken tot een doeltreffende behandeling van de verdachte en dus ook tot het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. - Voorwaarde van opneming van de veroordeelde in een instelling, art. 38a Sr: de beslissing of zich de noodzaak voordoet van opneming van de veroordeelde in een instelling en, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.