V-N 2025/14.25
Geen discriminatie van tweepersoonshuishoudens doordat waterzuiveringsheffing is gebaseerd op drie vervuilingseenheden
HR 21-03-2025, ECLI:NL:HR:2025:416, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 maart 2025
- Magistraten
Van Eijsden, Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
24/01095
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD2450:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Waterschapsbelastingen
Europees belastingrecht / Discriminatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:416, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑03‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1235, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑11‑2024
- Wetingang
art. 122h Waterschapswet
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de ongelijke behandeling van tweepersoonshuishoudens geen verboden discriminatie oplevert.
Samenvatting
X vormt samen met haar partner een tweepersoonshuishouden en ontvangt van het Waterschap Vallei en Veluwe een aanslag zuiveringsheffing van € 172,33. Deze heffing is gebaseerd op drie vervuilingseenheden volgens het forfaitaire stelsel, waarbij voor meerpersoonshuishoudens standaard drie eenheden worden gehanteerd, ongeacht het daadwerkelijke aantal bewoners. A-G Wattel acht deze systematiek discriminerend ten opzichte van tweepersoonshuishoudens. Toch ziet hij, gelet op het beperkte financiële belang (circa € 58 per jaar), geen aanleiding voor rechterlijk ingrijpen.
De Hoge Raad oordeelt dat de ongelijke behandeling van tweepersoonshuishoudens ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.