TAR 2003/145:Bij negatieve beoordeling ligt het op de weg van het bestuursorgaan aannemelijk te maken dat de beoordeling niet op onvoldoende gronden berust. Daarbij is niet beslissend of elk feit ter adstructie van een waardering boven twijfel verheven is en zelfs is niet van doorslaggevend belang of bepaalde feiten onjuist blijken te zijn vastgesteld of geïnterpreteerd. Het gaat om het totale beeld. Het klaarblijkelijk onterecht met een b gewaardeerde aspect van het zich mondeling duidelijk en begrijpelijk uitdrukken leidt derhalve niet tot de conclusie dat het waarderingsbesluit in rechte onhoudbaar is.